Bouwsteen 3. Welke rekeneenheid en aanbiedingsvormen kiezen?

Je kiest de rekeneenheid (of ‘nominatie’) waarmee je de waarde van inzet zichtbaar maakt en in rekening brengt. Bij munten met sociale doelen worden twee opties veel gebruikt: tijd en (tegenwaarde in) euro’s.

1. Tijd

Als de tijd als eenheid wordt gebruikt, breng je het aantal minuten of uren in rekening dat iemand zich voor de gemeenschap inzet. De tijd die een deelnemer geeft om iemand te helpen, wordt betaald in de vorm van een hoeveelheid tijd waarmee hij of zij zelf hulp van anderen kan inroepen.

Het gebruik van tijd als nominatie is aantrekkelijk omdat dit deelnemers op gelijke manier waardeert, ongeacht hun professionele achtergrond of werkervaring. Een uur is een uur, of het nu gaat om hulp met de computer of boodschappen doen. Wel kun je aparte uurtarieven hanteren voor licht werk en zwaar werk. Een uur zwaar werk kan dan bijvoorbeeld geruild worden voor twee uur hulp bij lichte taken.

De eenheid ‘tijd’ kan op diverse wijzen worden aangeboden: in (denominaties van) uur, half uur, kwartier of minuut. Naargelang de drager kan je met andere denominaties werken. Een online account kan minuten registreren; als je jetons of biljetten gebruikt, zul je eerder met kwartier, halfuur en uur werken.

2. Tegenwaarde in euro's

De lokale munt kan ook een tegenwaarde in euro’s vertegenwoordigen. De kleinste aanbiedingswijze is vaak de cent, maar je kunt ook denominaties hebben van (de tegenwaarde van) 1, 2, 5 of 10 euro. Een lokale munt kan bijvoorbeeld gelijk zijn aan tien eurocent. Wie vijftig munten verdiend heeft, kan er dan voor vijf euro goederen of diensten mee kopen. Het grootste voordeel van deze nominatie is dat de deelnemers ermee vertrouwd zijn. Ook deelnemende handelaars hebben snel door hoe het werkt.

Mogelijke nominaties en denominaties

Nominatie of rekeneenheid Tijd Tegenwaarde in euro's (indien 1 munt = 0,10 euro)
Mogelijke denominaties of aanbiedingswijzen
(bij wijze van voorbeeld)
uur
halfuur
kwartier

(elektronisch registreren van)
minuut
(biljetten van de lokale munt van )
één (= 10 eurocent)
vijf (= 50 eurocent)
tien (= 1 euro)

(muntstukken of jetons van)
tien cent (= 1 eurocent)
twintig cent (= 2 eurocent)
vijftig cent (= 5 eurocent)

(elektronisch registreren van )
\ één cent (= 0,1 eurocent)

results matching ""

    No results matching ""