9.2. Uitkeringen en lokale munten

Zijn gemeenschapsmunten te combineren met uitkeringen van de sociale zekerheid?

Veel gemeenschapsmunten hebben als doel om burgers de kans te geven actief deel te nemen aan de maatschappij. Ze trekken dan ook mensen aan die niet actief zijn op de arbeidsmarkt: gepensioneerden, (gedeeltelijk) arbeidsongeschikten, werklozen, schoolverlaters. Als deze burgers taken doen voor gemeenschapsmunten, is dat van invloed op de uitkeringen waar ze mogelijk recht op hebben! Het is de morele verantwoordelijkheid van de organisator van de gemeenschapsmunt om hierover correcte informatie te geven en deelnemers bij te staan. Het kan immers gaan over mensen die zich in een kwetsbare positie bevinden.

Het uitgangspunt van de wetgeving op de sociale zekerheid is de arbeidsprestatie. Die impliceert enerzijds een bijdrageplicht en anderzijds een recht op uitkering. De prestatie kan gebeuren in één van drie stelsels: als werknemer, zelfstandige of ambtenaar. Vrijwilligerswerk of activiteiten in de privésfeer behoren daar niet toe, en brengen dus geen bijdrageplicht noch recht op uitkeringen met zich mee. Om te bepalen of een activiteit tot het vrijwilligerswerk behoort, kijkt men ook hier naar het al dan niet professioneel karakter van de activiteit. Zolang activiteiten die met een gemeenschapsmunt gewaardeerd worden, binnen de grenzen van het vrijwilligerswerk of van de privésfeer blijven, ontstaat er geen bijdrageplicht, en zijn er geen speciale formaliteiten om in orde te blijven met de sociale wetgeving.

Afhankelijk van het soort uitkering kan het uitkeringsrecht bepaalde bijkomende voorwaarden meebrengen:

Voorwaarden RVA

Mensen met een uitkering van de RVA moeten altijd vooraf melden dat ze vrijwilligerswerk willen doen, en dat geldt dus ook voor deelname aan een gemeenschapsmunt.

[success] Tip

De organisatie die de gemeenschapsmunt runt, kan bij RVA een aanvraag doen om vrijwilligers in te zetten. Die geeft dan een advies dat zegt welke activiteiten in die organisatie als vrijwilligerswerk worden aangemerkt, en daar mogen uitkeringsgerechtigden sowieso aan deelnemen.

Uitkeringsgerechtigde werklozen moeten in elk geval een individuele aanvraag voor vrijwillig werk doen. De RVA heeft tien dagen om de aanvraag volledig of gedeeltelijk goed te keuren of af te keuren. Komt er geen antwoord, dan mag de werkloze aannemen dat de aanvraag is goedgekeurd.

Voorwaarden RIZIV

Mensen met een ziekte- of invaliditeitsuitkering zijn in principe niet in staat te werken. Om vrijwillig werk te mogen verrichten, dienen ze aan de adviserende arts toestemming te vragen. Die moet dan vaststellen of het vrijwilligerswerk verenigbaar is met de algemene gezondheidssituatie van de kandidaat-vrijwilliger.

De uitkeringsgerechtigde dient vooraf te melden dat hij of zij aan vrijwilligerswerk deelneemt. Het is aan de adviserende arts om te reageren indien dit niet past bij de gezondheidstoestand. Indien de arts niet reageert geldt dit als een toelating voor de uitkeringsgerechtigde.

[success] Tip

Dit advies inwinnen is de verantwoordelijkheid van de vrijwilliger, maar de organisatie kan deelnemers daarop wijzen of hen erbij helpen.

Andere uitkeringen

Voor andere uitkeringen, zoals kinderbijslag, studiebeurs of pensioen, stellen gemeenschapsmunten geen enkel probleem.

results matching ""

    No results matching ""